05-11-2026
  • Zorgpartijen bundelen data in Landelijk Reanimatie Register om overlevingskansen na reanimatie verder te verbeteren/

Zorgpartijen bundelen data in Landelijk Reanimatie Register om overlevingskansen na reanimatie verder te verbeteren

Utrecht, 5 november 2026 - Wat gebeurt er met mensen die buiten het ziekenhuis een hartstilstand krijgen, van de belangrijke eerste seconden tot herstel op langere termijn? De informatie daarover is verspreid over verschillende organisaties. Door deze gegevens samen te brengen, ontstaat meer inzicht in de volledige zorgketen en in mogelijkheden om de reanimatiezorg verder te verbeteren. Daarom starten Ambulancezorg Nederland (AZN), HartslagNu, Hartstichting, Nederlandse Reanimatie Raad (NRR), Netherlands Emergency department Evaluation Database (NEED), Nederlandse Hart Registratie (NHR) en Nationale Intensive Care Evaluatie (NICE) vandaag met de ontwikkeling van het Landelijk Reanimatie Register (LRR). Het project wordt gefinancierd door de Hartstichting. Het register bouwt voort op bestaande registraties en infrastructuren en brengt gegevens van burgerhulpverleners, de meldkamer ambulancezorg (MKA), ambulance en ziekenhuis op landelijk niveau samen.

Jaarlijks krijgen ongeveer 16.000 mensen een hartstilstand buiten het ziekenhuis, waarvan ongeveer de helft wordt gereanimeerd. In circa 80-85% van de gevallen begint de reanimatie al vóór de aankomst van de ambulance. Dankzij deze inzet van omstanders, burgerhulpverleners, meldkamer, ambulancezorg en ziekenhuizen overleeft tegenwoordig ongeveer één op de vijf patiënten die worden gereanimeerd, zo blijkt uit gegevens van de Hartstichting, de NRR en de ARREST-studie[1]. Meer inzicht in de volledige zorgketen rond een reanimatie, én in de gezondheid en kwaliteit van leven van patiënten op langere termijn, kan helpen beter te begrijpen welke aanpak patiënten de grootste kans geeft op overleving én goed herstel.

"Een goede uitkomst na een reanimatie is het resultaat van de inzet van veel verschillende partijen. Vaak begint die keten al bij omstanders en burgerhulpverleners die via HartslagNu worden opgeroepen. Van burgerhulpverleners, meldkamercentralisten en zorgprofessionals uit de ambulancezorg tot ziekenhuiszorg en nazorg: iedere schakel levert een bijdrage aan de uiteindelijke uitkomst voor de patiënt. Geen enkele organisatie heeft daarbij het volledige beeld. Juist daarom is het zo waardevol dat partijen uit de hele keten elkaar in dit initiatief hebben gevonden en gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor verdere verbetering van de reanimatiezorg."
Hans Janssen, voorzitter stuurgroep LRR en HartslagNu.

Inzicht als basis voor verbetering

Nederland staat internationaal bekend om goede reanimatiezorg. Maar gegevens over reanimaties zijn momenteel verspreid over verschillende organisaties. Hierdoor ontbreekt zicht op het functioneren van de volledige zorgketen rond een reanimatie en de uitkomsten daarvan. Verschillen tussen regio’s zijn moeilijk te duiden en verbetermaatregelen lastig te selecteren en evalueren. Ook is er nog beperkt inzicht in hoe het patiënten vergaat nadat zij een reanimatie hebben overleefd. Een eerder proefproject toonde aan dat het samenbrengen van deze gegevens haalbaar is en waardevolle inzichten kan opleveren. De ervaringen uit dat traject vormen een belangrijke basis voor het huidige programma.

Het LRR gaat gegevens verzamelen over reanimaties buiten het ziekenhuis, van de meldkamer, via de burgerhulpverlening en de ambulancezorg ter plaatse en tijdens het vervoer tot en met de daaropvolgende ziekenhuiszorg zoals de zorg op de spoedeisende hulp, intensive care, én daarna, inclusief de follow-up van de patiënt. Daarmee ontstaat de mogelijkheid om uitkomsten over de gehele keten te volgen. Het register moet bijvoorbeeld inzicht geven in verschillen tussen regio's in overleving na een reanimatie, de snelheid waarmee hulp wordt gestart en de uitkomsten van vervolgzorg in het ziekenhuis. Zo ontstaat een basis om verbeterinitiatieven te implementeren en evalueren, van elkaar te leren en te onderzoeken hoe de reanimatiezorg verder kan worden verbeterd.

"Voor patiënten en hun naasten stopt een reanimatie niet op het moment dat het hart weer klopt. Herstel, kwaliteit van leven en de gevolgen op langere termijn zijn minstens zo belangrijk als het overleven van de reanimatie zelf. Door beter zicht te krijgen op wat mensen na een reanimatie doormaken, hopen we niet alleen de overlevingskansen bij hartstilstand te vergroten maar ook de kwaliteit van leven verder te verbeteren."
Rebecca Abma-Schouten, hoofd onderzoek, Hartstichting

Samen werken aan landelijke verbetering

De overeenkomst brengt organisaties samen die betrokken zijn bij burgerhulpverlening, ambulancezorg, ziekenhuiszorg en kwaliteitsregistraties. Daarmee verbindt het programma bestaande expertise, registraties en infrastructuren uit alle schakels van de reanimatieketen. De samenwerking wordt primair gevormd door Ambulancezorg Nederland, HartslagNu, Hartstichting, Nederlandse Reanimatie Raad, NEED, NHR en NICE. Daarnaast dragen experts uit de zorg, wetenschappelijke verenigingen zoals NVIC, NVSHA, NVVC en NVT, de onderzoeksgroep ARREST en andere betrokken organisaties bij aan het programma.

Het programma heeft een looptijd van circa twee jaar. In de eerste fase werken de partners aan de inhoudelijke blauwdruk van het register, de ontwikkeling van rapportages, governance, juridische kaders en processen voor gegevensuitwisseling. Vervolgens wordt het LRR in drie geselecteerde regio's geïmplementeerd en geëvalueerd. De ervaringen uit deze fase vormen de basis voor verdere landelijke toepassing.

Bronvermeldingen[1]:
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/collections/62414324/?sort=pubdate
https://www.reanimatieraad.nl/wat-is-reanimeren/overlevingskans-en-kwaliteit-van-leven
https://www.hartstichting.nl/hart-en-vaatziekten/cijfers-hart-en-vaatziekten