Spoedpatiënten van ziekenhuizen vinden twee aspecten van groot belang:

1. vertrouwen in de competenties van artsen en verpleegkundigen op de Spoedeisende Hulpafdeling (SEH) en 2. de informatie die zij krijgen over ernst van de aandoening, wachttijden, doorstroomtijden en hoe te handelen na vertrek uit de SEH.

Deze conclusie trekken Julius promovenda Nanne Bos en haar begeleiders dr. Henk van Stel, dr. Leontien Sturms en ondergetekende. Bos publiceerde de “belangrijkheids scores” van 304 spoedpatiënten deze week in tijdschrift BMC Health Services Research. Klik hier als je het artikel wilt lezen. Bos deelde de ervaringen van spoedpatiënten in vijf domeinen in, die elkaar nauwelijks beïnvloeden.

Deze zijn: 1. de houding van en bejegening door professionals 2.informatie en  uitleg 3. de huisvesting en hygiëne van de SEH 4. de snelheid van de verleende zorg en 5. activiteiten rond het ontslag vanuit de SEH en de nazorg thuis. Over deze vijf domeinen ontwikkelde Bos een vragenlijst die voldoet aan de zogeheten CQ Index vereisten. Die testte zij uit in 2011 en dit jaar op 21 SEH’s, verspreid over heel Nederland. Binnen verschijnt haar publicaties waaruit blijkt in welke mate SEH’s verschillen in de mate van zorgsnelheid, zoals ervaren door spoedpatiënten. 

Bron±