Patientveiligheid binnen RAV Fryslan


Louwrens Wagenaar, beleidsmedewerker bij de RAV Fryslân: “Onze eerste kennismaking met patiëntveiligheid was bescheiden. Maar al snel kwamen we erachter dat het thema patiëntveiligheid meer omvat dan we in eerste instantie dachten.
 

Ook het bestuur van de RAV raakte daarvan doordrongen. Daarom is besloten tot een stevige aanpak onder leiding van een externe projectleider. Insteek daarbij was goed te onderzoeken wat er allemaal bij patiëntveiligheid komt kijken en hoe met name VIM (Veilig Incident Melden) ontwikkeld en geïmplementeerd moest worden.

De communicatie met de achterban en ervaringen van andere regio’s  zijn daarbij heel belangrijk. Zo hebben de pilottrajecten, die onder leiding van Ambulancezorg Nederland liepen, concrete instrumenten en oplossingen opgeleverd. Die proberen wij te vertalen naar maatwerk voor onze organisatie.

 

Ambulancezorg Nederland heeft de eerste treden van de trap ontwikkeld; wij moeten als RAV die trap verder afbouwen
 

De toolkit van Ambulancezorg Nederland hebben we uiteraard gebruikt, in eerste instantie om de mensen van de projectgroep op hetzelfde kennisniveau te krijgen. Iedereen is nu op de juiste vlieghoogte. De film heeft daarbij  ook een belangrijke rol gespeeld. Daaruit werd goed duidelijk waar we naar toe willen.
 

Nu is de vraag aan de orde hoe we de rest van de organisatie erbij gaan betrekken. Er wordt momenteel druk gewerkt aan een communicatieplan  dat onder andere een antwoord moet geven op de vraag hoe we mensen structureel op de hoogte gaan houden van de vorderingen van de projectgroep.

VIM als prioriteit
In onze organisatie is de ontwikkeling en implementatie van VIM  ‘naar voren gehaald’. Nu werken we nog met de MIP, maar de aansluiting bij de landelijke trend is wenselijk. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is de doorlooptijd. Mensen die iets melden verwachten snel een antwoord en willen zien dat er iets met de melding gebeurt.

Om niet opnieuw het wiel uit te vinden, heeft onze projectleider  gesproken met de mensen die de pilot rond VIM hebben gedraaid. Wat zijn zij tegen gekomen en hoe was hun aanpak? Ook zijn er documenten uitgewisseld. Waarschijnlijk gaan we als projectgroep nog een keer op werkbezoek naar een andere regio, zodat we zelf kunnen zien hoe zaken daar zijn geregeld en we vragen kunnen stellen.

Op dit moment buigen we ons als projectgroep over de organisatiestructuur van VIM, de procedure, het reglement en de analysemethode die we willen gaan gebruiken. Welke oplossingsrichtingen zijn er allemaal en wat zijn de voor- en nadelen? We gaan daarbij niet zomaar voor de meest gehanteerde methode. We willen scherp hebben wat het best bij onze organisatie past.”