RAV-en aan zet


In december werd de Toolkit Patiëntveiligheid gepresenteerd. De toolkit is gemaakt om RAV-en verschillende handreikingen te bieden om concreet met het thema aan de slag te gaan. Hoe is de toolkit ontvangen? En wat gebeurt er verder in het project dat nog tot 2013 loopt? Projectleider Margreet Hoogeveen vertelt daarover.


“Op 8 maart jl. zijn de regionale projectleiders opnieuw bij elkaar geweest. Zij waren tevreden over de activiteiten tot nu toe en bevestigen -ook op basis van geluiden van collega’s- dat de toolkit uitnodigt om aan de slag gegaan.

Er zit eigenlijk voor iedereen wel iets in om opstarten mogelijk te maken.  Ik hoorde van een RAV waarin voor elk onderdeel van de toolkit een bijeenkomst  is belegd; elk instrument komt op die manier aan de orde. Anderen zijn bezig op een hoger abstractieniveau. Soms wordt daarbij een externe deskundige ingehuurd.

RAV-en centraal
Dit jaar staan de RAV-en centraal in het programma Patiëntveiligheid. Zij kunnen, met behulp van het instrumentarium, patiëntveiligheid in hun eigen organisatie handen en voeten gaan geven. Vanuit Ambulancezorg Nederland blijven we de ontwikkelingen stimuleren. Door mensen bij elkaar te brengen en kennis en ervaringen te laten uitwisselen. Ook monitoren we de voortgang.

Die voortgang zal in de toekomst met regelmaat besproken worden in de kennisgroep kwaliteit. De eerstvolgende bijeenkomst, op 13 april a.s,  staat Veilig Incidenten Melden (VIM) op het programma. We belichten de verschillende VIM-systemen, om organisaties te ondersteunen bij de keuze van een systeem. Het met elkaar delen van (bijna-)incidenten, zoals bijvoorbeeld gebeurt in de luchtvaart via een VIM-krant, is ook onderwerp van gesprek.

Het leiderschap dat directeuren en leidinggevenden laten zien is belangrijk bij het creëren van een veilige meldcultuur

 
Patiëntencategorieën
Naast de VMS-instrumenten is er in het programma Patiëntveiligheid ook aandacht voor zes patiëntencategorieën. De risico’s rond deze patiënten zijn beschreven en er liggen verbetervoorstellen. Die moeten een vervolg krijgen.

Dat betekent experimenteren, maar dat veronderstelt ook dat je weet hoe de situatie nu is. Dat is in de ambulancezorg lastig vast te stellen, zeker in vergelijking met bijvoorbeeld een ziekenhuisomgeving waarin je cijfers hebt over onder meer het aantal wondinfecties.

We gaan nu proberen toch een paar doelstellingen te formuleren rond één categorie. Hoe zou je die kunnen operationaliseren en meetbaar maken? Ook van de vorderingen op dit punt houden we de sector op de hoogte.”